terug

request blz 1

request blz 1

request blz 2   

request blz 2

request blz 3

request blz 3

request blz 4      

request blz 4

   

randschrift: in handen van den Heer Officier van Justitie, Amsterdam, 2 0ctober 1909. Woudenberg President.

Vrij van zegel ingevolge Art. 356 W.B.Rv.

No 427

Aan de Arrondissements-Rechtbank te Amsterdam

Geeft eerbiedig te kennen:   

MARIA VAN LIEFLAND, wonende te Amsterdam, Bloemstraat 65, ten deze domicilie kiezende ten kantore van den procureur Mr. P.G. VAN ANROOY, aan de Weteringschans 151 te Amsterdam;  dat requestrante den achtensten Mei 1800 drie en tachtig is geboren te Amsterdam, als dochter van ANTONIA MEGCHELINA VAN LIEFLAND; dat hare moeder toen was ongehuwd en eerst tien Februari 1800 zes en tachtig te Amsterdam is gehuwd met D. VAN DER SAAN, by welk huwelyk twee kinderen van ANTONIA MEGCHELINA VAN LIEFLAND werden gewettigd; dat requestrante niet begrepen is geweest in deze wettiging door opvolgend huwelyk, althans haar naam daarby niet voorkomt, ja dat zelfs requestrante’s naam in het geheel nietvoorkomt in de Registers van den Burgelyken Stand van haar geboorteplaats, aangezien men verzuimd heeft van haar geboorte aangifte te doen, zoodat het bewys harer afstamming, behalve door algemeene bekendheid, alleen geleverd wordt door hare doopacte, waarvan zy een afschrift by dit request voegt; dat na het huwelijk harer moeder men algemeen en te goeder trouw aannam alsof zy, requestrante, ook in de wettiging begrepen was, althans van haar den naam gaf VAN DER SAAN en dat zy ook als MARIA VAN DER SAAN in het Stadsbestedelingenhuis te Amsterdam opgenomen en verpleegd is geweest; dat dientengevolge toen haar zevenentwintig September 1900zeven te Amsterdam een zoontje werd geboren, welk kind zy achtentwintig October d.a.v. erkende, requestrante hierby als hare naam opgaf MARIA MECHELINA VAN DER SAAN, zooals blykt uit het hierbygaand extract uit de Geboorte Registers der stad Amsterdam; dat thans requestrante voornemens zynde in het huwelyk te treden met de vader van het kind, en beiden by dat huwelyk dat zoontje MARINUS willende wettigen, het haar gebleken is 1e. Dat haar geboorte-acte niet bestaat, 2e. dat ten onrechte zy gemeend heeft den tweeden voornaam van haar moeder ook te hebben, 3e. dat eveneens ten onrechte zy gemeend heeft het gewettigd kind van D. VAN DER SAAN te zyn, zoodat eerstens zy geen geboorte-acte heeft en bovendien zy zoowel by de geboorte-aangifte als by de erkenning van haar zoontje een haar niet toebehoorenden tweeden voornaam en onjuisten familie naam ter goeder trouw heeft gegeven; Redenen waarom requestrante, onder overlegging der hierbygaande verklaringen der Heeren WILLEM FREDERIK VAN VOORST, Directeur, en PIETER JACOBUS MULLER, Boekhouder 1e. Klasse der Inrichting voor Stadsbestedelingen te Amsterdam, Uwe Rechtbank eerbiedig verzoekt te willen gelasten aanvulling en verbetering van de Registers van den Burgelyken Stand te Amsterdam en wel door te bepalen dat alsnog in de Geboorte Registers zal worden ingeschreven dat op den achtsten Mei 1800 drie en tachtig des ochtends te negen uur uit ANTONIA MEGCHELINA VAN LIEFLAND, ongehuwd en zonder beroep, in hare woning, Anjelierstraat 120, te Amsterdam, is geboren een dochter, aan wie de naam MARIA is gegeven; En wyders dat in de geboorte-acte van MARINUS VAN DER SAAN, welke geboren is in Amsterdam den zevenentwingsten September 1900zeven, evenals in de vermelding van de erkenning van dit kind op den achtentwingsten October 1907, als naam van de moeder inplaats van MARIA MECHELINA VAN DER SAAN moet vermeld worden MARIA VAN LIEFLAND; dat requestrante blykens certificaat afgegeven door den Heer Burgemeester der Gemeente Amsterdam, onvermogend is de hierop vallende kosten te dragen; Redenen waarom zy verzoekt het behage Uwe Rechtbank te bevelen, dat deze zaak kosteloos, vry van registratie, zegel en griffierechten zal worden behandeld en haar van Uwe dispositie kosteloos een expeditie zal worden uitgereikt.

‘t Welk doende enz.

Getekend Mr. Van Anrooy

terug

verklaring van onvermogen    

Verklaring van onvermogen

terug

De Arrondissements-Rechtbank te Amsterdam, Eerste kamer;

Gezien vorenstaand verzoekschrift met bijlagen

Waaronder een verklaring van onvermogen a.s. 25 Augustus 1909, afgegeven door den Burgemeester van Amsterdam, waaruit blijkt dat Maria van Liefland, wonende Bloemstraat 65, onvermogend is tot het betalen der kosten vallende op de verbetering of aanvulling der Registers van den Burgelijken stand; Gehoord de conclusie van het Openbaar Ministerie, daartoe trekkende dat de Rechtbank; alvorens op het request te beslissen, bevele het verhoor van getuigen naar aanleiding der ten requeste gestelde feiten; Overwegende dat de Rechtbank het wenschelijk oordeelt zich omtrent die feiten door getuigen tedoen inlichten, en zich derhalve met voormelde conclusie vereenigt; Alvorens op het request te beslissen: Beveelt dat de na te noemen getuigen zullen worden opgeroepen ter Raadkamer dezer Rechtbank en kamen op Woensdag 13 october 1909, des voormiddags te 10½ uur, ten einde naar aanleiding der ten requeste gestelde feiten te worden gehoord, te weten:  Antonia Megchelina van Liefland, de moeder van requestrante;  D. Van der Saan, echtgenoot van de sub 1º genoemde A.M. van Liefland;   Willem Frederik van Voorst, Directeur- en  Pieter Jacobus Muller, boekhouder 1e klasse der Inrichting voor Stadsbestedelingen te Amsterdam.

Bepaald op grond van het gebleken onvermogen van de requestrante dat de geheele behandeling van deze zaak kosteloos zal geschieden.

Gedaan op 6 October 1909.

Tegenwoordig de Heeren Mrs. W.F. Bijleveld, waarnemend President, J.T.F Telling en W.A. van Woudenberg Hamstra, Rechters, G.A. Servatius, Substituut-griffier.

terug

 

 

De Arrondissements Rechtbank te Amsterdam Eerste kamer;

Gezien vorenstaand verzoekschrift met bijlagen en voorlopige beschikking alsmede het ten deze aangehechte nadere verzoekschrift van dezelfde requestrante gewhoord de mondelinge toelichting door den advocaat Mr. H. Louis Israels; Gehoord de verklaring van een getuige ter Raadkamer van heden; Gehoord de conclusie van het Openbaar Ministerie, strekkende tot toewijzing van het ten requeste gedaan verzoek; Overwegende dat dit verzoek, als . . . dienende? op de wet, en voldoende toegelicht, behoort te worden toegewezen, echter met dien verstande dat, waar nadere gegevens omtrent dit punt ontbreken, niet kan worden vastgesteld het uur der geboorte van requestrante; Beveelt de aanvulling en verbetering der Registers van den Burgelijke Stand der gemeente Amsterdam, in dier voege; A: dat alsnog in de geboorten-registers zal worden ingeschreven dat op den achtsten Mei 1800 drie en tachtig uit Antonia Megchelina van Liefland, ongehuwd en zonder beroep, in hare woning Laurierstraat 95 te Amsterdam is geboren eene dochter, aan wie de naam "Maria" is gegeven. B: dat in de geboorte-acte van Marinus van der Saan, geboren te Amsterdam op 27 September 1907, zoomede in de akte van erkenning van dit kind op 28 October 1907, als naam van de moeder, inplaats van "Maria Mechelina van der Saan" worden gelezen: "Maria van Liefland"

Gedaan op 13 October 1909.

Tegenwoordig de Heeren Mrs. W.F. Bijleveld, waarnemend President, J.T.F Telling en W.A. van Woudenberg Hamstra, Rechters, G.A. Servatius, Substituut-griffier.

terug

 

Nader request

Nader request

 

Nader request.

VRY VAN ZEGEL                                                                                                                

Ingevolge beschikking 

Der rechtbank dd. 6

October 1909

Aan 

De Arrondissements-Rechtbank te

Amsterdam.

Geeft eerbiedig te kennen:

MARIA VAN LIEFLAND, wonende te Amsterdam Bloemstraat 65; Dat zy wenscht te herstellen eene door haar begane vergissing in het  request tot aanvulling en verbetering ven de Registers van den Burgelyke Stand,waarvan dor Uwe Rechtbank dd. 6 October 1909 kosteloos behandeling is bevolen; Dat zy met wyziging van bedoeld request Uwe Rechtbank verzoeket als plaats harer geboorte niet aan te nemen het daarin opgegeven adres Anjelierstraat 120, te amsterdam, doch Laurierstraat 95 te Amsterdam, welkeverandering zy Uwe Rechtbank verzoekt te willen beschouwen als reeds voor te komen in bovenbedoeld request, by hetwelk zy overigens blyft persisteeren.

‘t welk doende enz.

Getekend Mr. van Anrooy

terug

 

kosteloos blz 1 

 kosteloos blz 2     

Kosteloos ingevolge beschikking der Arrondissements Rechtbank te Amsterdam. Eerste kamer dd. 6 october 1909. En ingevolge bewijs van onvermogen dd. 25 Augustus 1909

Heden den 13 den Oktober 1909 is ter Raadkamer der Arrondissements-Rechtbank te Amsterdam, Eerste kamer, alwaar gezeten waren de Heeren Mrs. W.F. Bijleveld, waarnemend President, J.T.F Telling en W.A. van Woudenberg Hamstra, Rechters, L.C. Bezier, Substituut-officier van Justitie en G.A. Servatius, Substituut-griffier, overgegaan tot het getuigenverhoor, bevolen bij beschikking dezer Rechtbank en kamer dd. 6 October 1909, gegeven naar aanleiding van een door den Procureur Mr. P.G. van Anrooy voor Maria van Liefland, wonende te Amsterdam, ingediend verzoekschrift, strekkende tot aanvulling en verbetering van de Registers van de Burgelijke Stand dezer gemeente.

Zijn binnengekomen voornoemde requestrante en procureur, zoomede de advocaat Mr. H. Louis Israels, welke laatste het voormelde verzoekschrift nader heeft toegelicht en voorts medegedeeld dat van de vier getuigen wier gehoor by herhaalde beschikking werd bevolen, alleen de getuige Muller kan worden voorgebracht, daar requestrante’s moeder A.M. Van Liefland is overleden, D. Van der Saan reeds sedert 1886 spoorloos is verdwenen, en W.F. van Voorst, Directeur der Inrichting voor Stadsbestedelingen te Amsterdam, voor eenigen tijd uit de stad is.

Van het verhoor der drie laatstgenoemde getuige wordt hierop afgezien. Is binnegeroepen eerstgenoemde getuige, die heeft opgegeven te zijn genaamd: Pieter Jacobus Muller, oud 41 jaren, van beroep boekhouder 1e klasse ten  kantore der Inrichting voor Stadsbestedelingen te Amsterdam en aldaar wonende, en voorts dat hij niet in familie- of dienstbetrekking staat tot de requestrante. Getuige verklaart vervolgens desgevraagd: dat hij de ter Raadkamer aanwezige requestrante kent als oud-stadsbestedelinge, en behoord hebbende onder de door hem, getuige, in zijn voormelde betrekking gevoerde administratie; dat aldaar de requestrante, - die genoemd werd Maria van der Saan, en zich ook met die naam teekende -, bekend was als in werkelijkheid te zijn genaamd Maria van Liefland; dat hem uit het archief van het stadsbestedelingenhuis bekend is dat requestrante’s moeder Antonia Megchelina van Liefland, toen gehuwd met D. Van der saan, op 19 juli 1886 te Amsterdam is overleden; dat vanaf die tijd de requestrante, die tevoren reeds tijdelijk was opgenomen in voormelde inrichting toen haar moeder in het gasthuis lag, definitief stadsbestedelinge werd.

Hiermede het getuigenverhoor  beeindigd zijnde hebben de comparanten de gehoorzaal verlaten.

Waarvan is opgemaakt dit proces verbaal, door den President en den griffier onderteekend.

terug

 

 

 

De vorderingen van Maria in het stadsbestedelingenhuis zijn hieronder te zien. Alleen de opname van haar zus Cornelia is te zien in het schema, de vorderingen zijn weggelaten.

archief 344-567
Stadsbestedelingen.
19 juli 1886
Ingenomen door het overlijden der moeder bij afwezendheid des vaders.
Depôt no: 2552 Cornelia Gerarda Jacoba van der Saan,
geboren 28 mei 1879, Ned. Herv., R. Cath.
Depôt no: 2553 Dolphina Antonia
Maria Mechelina van der Saan, geboren     
9 november 1881, Ned. Herv., 8 mei 1882,
R. Cath.
Ingeschreven Rozenstraat EE 153.
Beiden naar gesticht.
Opgezonden naar Goor. Donderdag, 12 augustus 1886
P.L.U. no: 1350 Cornelia Gerarda Jacoba van der Saan,
                geboren 28 mei 1879, R. Cath.
P.L.U. no: 1351 Maria Mechelina van der Saan, geboren 8   
                mei 1882, R. Cath.
Overgedaan van Rozenstraat EE 153.
Naar Goor. 
Van het gesticht.
Archief 344-656 nr. 1351, blz 1114.
Maria Mechelina van der Saan E.V.(m)
geboren 8 mei 1882 R.Cath.
Ingenomen 19 juni 1886, door het overlijden van de moeder bij
verlating van den vader.
 
Wijze van uitbesteding.
12 augustus 1886 Uitbesteed bij J.W. Stevens te Goor.
1 september 1896 Bij W. Horstink te Goor.
1 juli 1897 Bij J.H. Veldhuis te Goor.
7 november 1900 Dienstbode bij J. Siemerink te Oldenzaal.
Loon fl 40,= per jaar.
1 mei 1901 Dienstbode bij Heinink, M. Bakker
te Oldenzaal.
1 mei 1902 Dienstbaar bij J. Klein Robbenhaar,
Ootmarsummerstraat 15, Almelo.
1 november 1902 Dienstbaar bij B. ten Dam,
landbouwer wonende te Erpelo bij Enaer.
1 mei 1903 Dienstbaar bij Johannes Mulder te Zunderen.
Datum gez.heid gedrag onderwijs godsd. ambacht
of middel v.
bestaan.
1886
2 sem. goed goed
1887
1 sem. best best
2 sem. best best op de bewaarschool schoolgaand
1888
1 sem. best best id. id.
2 sem.   loopende goed goed L1S1R1 id.
oortjes
1889
1 sem. Goed goed goed L1S1R1 id.
2 sem. klierachtig goed goed L1S1R1 voorbe- id.
reidend
weinig
vorderingen
1890
1 sem. id. goed goed L2S1R1 voorbe- id.
reidend
2 sem. id. goed goed L2S2R1 id. id.
1891
1 sem. goed goed goed L2S2R2 goed id.
2 sem. klierachtig goed goed L2S2R2 goed id.
1892
1 sem. id. goed goed L3S3R3 goed id.
2 sem. id. goed goed L4S3R3 goed id.
1893
1 sem. zeer goed goed L4S4R4 goed id.
klierachtig
2 sem. klierachtig goed goed L4S4R4 goed id.
1894
1 sem. vrij goed goed goed L4S4R4 goed id.
maar klierachtig
2 sem. id. goed id. goed id.
1895
1 sem. klierachtig goed vertoont weinig  id. id.
aanleg
2 sem. tenger\bleek id. goed L5S4R4   apr.1895 id.
1ste communie
  gedaan
1896
1 sem. klierachtig goed goed L5S5R5 id.
2 sem. id. goed goed L5S5R5 id.
1897
1 sem. id. goed goed L5S5R5 id.
2 sem. id. goed 1 juli 1897 id.
ontslagen
1898
1 sem. id. goed herhalings licht huiswerk
onderwijs
2 sem. id. vrij goed id. id.
1899
1 sem. id. matig id.
2 sem. id. slordig id.
1900
1 sem. id. id. id.
2 sem. id. id. id.
1901
1 sem. id. goed id.
2 sem. id. goed dienstbode

terug